Vanmorgen zijn we om 8.45u vertrokken om aan onze langste autorit van deze vakantie te beginnen. Na zo’n 2,5 uur rijden door wat vertraging op de weg bereikten we Death Valley National Park. Death Valley is een van de diepste inzinkingen van het noordelijk halfrond, het ligt 86 meter onder de zeespiegel. Met een oppervlakte van meer dan 13.000 km2 is dit het grootste nationale park van de V.S. Tevens is het de heetste en droogste plek van de hele V.S.
We zijn door Death Valley heen gereden om naar onze volgende bestemming te gaan. Het leek ons niet verstandig om met een temperatuur van 43 graden Celsius rond 12 uur een wandeling te maken, en bovendien hadden we nog genoeg kilometers af te leggen vandaag. We zijn dus vooral lekker in de auto in de airco blijven zitten. Bij het Zabriskie viewpoint zijn we uitgestapt voor wat mooie plaatjes.
Tijdens het tweede deel van onze autorit door Death Valley ervaarden wij zo nu en dan enige G-krachten door de dips in de weg. Het leek af en toe wel een golfslagbad. De 3 uur die we gereden hebben na Death Valley reden we nog steeds midden in de woestijn, in the middle of nowhere. Weinig ander verkeer passeerde ons. Onderweg kregen we trek en zijn we bij de lokale Shell pomp gestopt voor een sanitaire stop en een hapje eten. We hebben een mexicaanse burrito gedeeld en kregen een heerlijk tafeltje in de schaduw. We hebben nog nooit eerder zo romantisch geluncht: onder het afdak van het pompstation tussen 2 benzinepompen in, weer een hoogtepunt van onze vakantie.

Uiteindelijk zijn we, na in totaal 7 uur en 20 minuten onderweg geweest te zijn, aangekomen in Bakersfield. Ons motel heeft dit keer geen uitzicht op de skyline van de stad, maar op het zwembad van het motel. We zijn weer terug in de normale wereld. Morgen bezoeken we de Sequoia’s, waarover dus morgen meer.
Fijne dag toegewenst aan al onze trouwe lezers!